Champagne is zowel de naam van een wijn als van de streek waar die wijn vandaan komt. De appellation legt het productiegebied en de regels vast. Daarbinnen is het landschap geen eenvormig blok: van dorp tot dorp en zelfs van perceel tot perceel veranderen de omstandigheden.
Wat beschermt de appellation?
De AOC Champagne is gekoppeld aan een afgebakend gebied en aan productievoorschriften. Een mousserende wijn uit een andere streek mag daardoor niet als Champagne worden verkocht, ook als de maker dezelfde techniek gebruikt. Herkomst en werkwijze horen bij elkaar.
De regels zeggen onder meer welke druiven zijn toegestaan. Chardonnay, pinot noir en meunier voeren de boventoon; daarnaast zijn vijf zeldzamere rassen toegelaten. Welke druiven in één fles zitten, verschilt per cuvée.
Een cru is een dorp, een lieu-dit een plek
In de Champagne is een cru een wijngemeente. Binnen zo’n gemeente liggen veel afzonderlijke percelen. Sommige dragen een eigen plaatsnaam, een lieu-dit. Het Comité Champagne wijst erop dat wijnmakers het verschil tussen percelen vaak belangrijker vinden dan een algemeen oordeel over een heel dorp.
Bodem, ligging op de helling en het weer beïnvloeden de druiven. De maker kan partijen gescheiden houden om een specifieke plek te laten spreken, of juist samenbrengen voor een herkenbare huisstijl. Beide keuzes passen binnen Champagne.
Wat heb je eraan als bezoeker?
Let in een proeflokaal op de vraag waar de druiven groeien. Komt een cuvée uit één dorp, uit meerdere dorpen of uit een benoemd perceel? De antwoorden geven houvast bij het proeven en maken een rit door de wijngaarden interessanter.
Wie alleen Reims en Épernay ziet, mist een deel van dat verhaal. Een stop in de Montagne de Reims, Vallée de la Marne of Côte des Blancs laat zien hoe gevarieerd het gebied binnen één appellation is.
